Ja, christenen laten met zich spotten - Mark Van de Voorde Auteur: Mark Van de Voorde

vr 09/01/2015 - 11:51 Mark Van de Voorde Een aanslag in de naam van God, christenen kunnen het zich niet voorstellen. Als iemand zich bij een aanslag zou beroepen op de God van de Bijbel of zou roepen dat hij Jezus Christus komt wreken, dan is er geen christen te vinden die dat goedkeurt. Toen Anders Behring Breivik zijn aanslag in 2011 op het Noorse eilandje Utøya probeerde te verantwoorden door de verdediging van het Europese humanisme en christendom in te roepen, was er geen mens die er eraan dacht om bijgevolg de christelijke religie verantwoordelijk te stellen.

Maar als moslims, Allah aanroepend en de Profeet wrekend, een aanslag plegen, zoals deze in Parijs, zijn er in Europa wel mensen te vinden, zelfs politici, die de islam minstens enige medeverantwoordelijkheid aanwrijven. Ze worden daarbij geholpen door het optreden van IS in Syrië en Irak en door de jubelkreten van geradicaliseerde islamjongeren in Europa.

Religie, staat en volk

De aanslag op Charlie Hebdo werd meteen veroordeeld door de moslimwereld: de Franse moslimraad, de Arabische Liga, landen zoals Algerije, Marokko, Bahrain en Saudi-Arabië, en de Al-Azharuniversiteit van Cairo. Toch zit de islam met een probleem. Ook al wordt het door alle grote islamtheologen onislamitisch genoemd en verworpen door de overgrote meerderheid van de gewone moslims, het religieus fascisme van de politieke islam bestaat helaas.

Het is een kwaal waar de islam het erg moeilijk mee heeft. In de islam is er immers - in tegenstelling tot het christendom - geen onderscheid tussen de religieuze ruimte, de politieke ruimte en de maatschappelijke ruimte. Religie, staat en volk vallen samen. Mohammed was niet alleen de stichter van een godsdienst, maar ook een politiek leider en een krijgsheer.

De aanvaarding van de scheiding tussen kerk en staat is voor moslims bijgevolg zeer moeilijk. Heeft het christendom er ook tijd voor nodig gehad, het moest eigenlijk erkennen dat die scheiding in het evangelie zelf staat ("Geef aan de keizer wat de keizer toekomt, en geef aan God wat God toekomt").
 

Een persoonlijke keuze

De erkenning van de seculiere wereld met alle vrijheden op het vlak van geloof, overtuiging en mening is voor christenen een evidentie, inbegrepen de vrijheid om van geloof, overtuiging en mening niet alleen te mogen verschillen maar ook te kunnen veranderen. Dat komt omdat in evangelisch perspectief geloven een voortdurende persoonlijke keuze is ("Wie zegt gij dat Ik ben?"). In de islam kun je daarentegen niet van je geloof vallen. Eenmaal moslim altijd moslim.

Als daders van een aanslag zich op de Bijbel zouden beroepen, is voor ons het christelijke geloof niet aangetast, want deze daders zijn op dat moment geen christenen meer. Over de aanslag in Parijs daarentegen schreef de bekende islamoloog Tariq Ramadan dat "onze godsdienst, onze waarden en islamitische principes zijn bedrogen en aangetast". De daders hebben de islam te schande gemaakt, omdat ze ook dan moslims bleven.

Het verschil tussen het christelijke geloof als persoonlijke keuze en de islam als blijvende plicht maakt ook dat wij anders aankijken tegen de vrijheid van meningsuiting. In ons land sprak het Executief van de Moslims van België wel van een "aanslag op het leven en de vrije meningsuiting", maar het was een van de weinige moslimorganisaties die niet alleen de moord van twaalf mensen veroordeelden maar ook de aanslag op de vrije meningsuiting.
 

Godslastering en meningsuiting

De vrijheid om in satire met de Profeet te spotten - en Charlie Hebdo getuigde daarbij vaak van weinig fatsoen, maar de vrijheid ter zake houdt ook de vrijheid in om een slechte smaak te hebben - is voor moslims erg moeilijk te verdragen.

Het verschil met het christendom was duidelijk in de reactie van aartsbisschop Léonard die toevallig deze week Het Middagjournaal verzorgde bij Nieuwe Feiten (Radio 1): "Ik erken dat mensen bijvoorbeeld cartoons kunnen ervaren als een zware inbreuk op hun meest heilige overtuiging, maar ik ben tegen een wettelijke inperking van godslastering. De vrije meningsuiting - ook al mag die niet verabsoluteerd worden - is een groot goed en het is altijd gevaarlijk voor de democratie die te beperken."

Het dulden van spot zit in het christendom ingebakken. Was Mohammed een triomfator, Christus werd terechtgesteld. Tijdens zijn proces dat tot de doodstraf leidde, werd hij meermaals bespot. Ook aan het kruis was hij mikpunt van spot.

Tolerantie en fatsoen zijn deugden, geen plichten

Tolerare (dulden), het Latijnse stamwoord waar tolerantie is van afgeleid, had bovendien in de vroegchristelijke tijd de betekenis van: de goddelijke gave en de christelijke deugd om vervolgingen te trotseren. Tolerare kan vanuit die oorspronkelijke betekenis naar vandaag worden overgeplaatst als de deugd om spot en scherts te aanvaarden, hoe pijnlijk ook.

Tolerantie is moeilijk. Enkel voor de staat is tolerantie een rechtsplicht, voor de burger is ze een deugd die niet afgedwongen kan worden. Daarom is dialoog essentieel om ook onze moslim medeburgers tot grotere tolerantie te bewegen.

Of de vrijheid van meningsuiting dan geen grenzen kent. Zeker, maar geen grenzen die worden getrokken door wetten (en alvast niet worden bepaald door geweld), maar die het fatsoen oplegt. Is tolerantie voor de burger een deugd die niet afgedwongen kan worden, dan is fatsoen voor de media eveneens een deugd die niet afgedwongen kan worden.
 

(Mark Van de Voorde is onafhankelijk publicist.)


Reageer

@Allen: reageren op deze bijdrage impliceert dat u instemt met de regels voor deelname aan onze discussieforums; lees dus de regels - mod.