Vlaanderen verovert Nederlandse krantenmarkt - Huub Wijfjes Auteur: Huub Wijfjes

di 09/12/2014 - 13:43 Huub Wijfjes De aanstaande overname van het Nederlandse kwaliteitsdagblad NRC Handelsblad door het de Vlaamse mediaonderneming Mediahuis zet weer een stap dichterbij een vrijwel totale dominantie van de Nederlandse dagbladmarkt door Vlaamse bedrijven.

In 2009 al geraakten vier grote landelijke kranten van het PCM-bedrijf in handen van de Persgroep: de Volkskrant, Trouw, AD en Het Parool. Eerder dit jaar slaagde het bedrijf van Christian van Thillo er in ook de regionale kranten van het Wegener-concern over te nemen. Met deze transactie, die nog toestemming behoeft van de Nederlandse kartelwaakhond Autoriteit Consument en Markt (ACM), wordt de Persgroep de grootste dagbladuitgever in Nederland, met een marktaandeel van iets meer dan 50 procent. Omdat een van de deelnemers in Mediahuis – Concentra – dit jaar de dagbladen in Nederlands Limburg overnam, blijven alleen de kranten van het Telegraaf-concern en Noordelijke Dagbladcombinatie in Nederlandse handen.

Investeringen

Betekent dit nu dat de Vlaamse krantenuitgevers het zoveel beter doen dan hun Hollandse concurrenten? In zekere zin wel, want zowel Persgroep als Mediahuis zijn winstgevende ondernemingen in een sterk wisselvallige markt. Vooral kranten hebben te maken met teruglopende oplages en advertentie-inkomsten. In dat opzicht is het een kunststukje om toch met rendement investeringen in die markt te doen.

Maar dan gaat het er natuurlijk wel om wat voor investeringen dat nu zijn. Ook de Nederlandse persbedrijven hebben de afgelopen 10-15 jaar niet stil gezeten. Maar hun investeringen hebben, om het zacht te zeggen, niet bepaald gelukkig uitgepakt. PCM stortte zich bijvoorbeeld in een heilloos avontuur met het Britse investeringsfonds APAX, dat het concern binnen enkele jaren met torenhoge schulden opzadelde. Honderden miljoenen werden geïnvesteerd in mislukte digitale projecten en niet erg overtuigende initiatieven in radio en televisie.

Prooien

Hetzelfde lot trof de Wegener-kranten die in handen kwamen van de Britse investeerder Mecom. Men hoopte dat zoiets de kranten zou oppeppen voor een stabiel bestaan, maar de ene pijnlijke reorganisatie volgde op de andere. Honderden banen werden geschrapt, en diensten werden samengevoegd tot op een niveau dat ernstige vragen werden gesteld over de pluriformiteit in de regionale pers.

Deze twee desastreuze ervaringen maakte PCM en Wegener willoze en relatief goedkope prooien voor ondernemers met een sterkere visie op de toekomst van de pers en die komen uit Vlaanderen. Daarmee is bepaald niet gezegd dat de toekomst van de redacties is veilig gesteld door Van Thillo of de families Leysen en Baert die Mediahuis beheersen.

Vooral Van Thillo staat ook bij zijn Vlaamse kranten bekend om het meedogenloze ingrijpen om het rendement overeind te houden. Bij de PCM-kranten liet hij dit ook voelen door als eerste daad fors te snijden in de kosten. Ook dwong hij zijn filosofie van scheiding van internet en print af. Vooral de samenvoeging van de internetredacties van de vier grote kranten in 1 gezamenlijke online redactie, deed vele wenkbrauwen fronsen. Maar nu, na vier jaar, hoor je er weinigen meer over, omdat de stabiliteit lijkt hersteld en de websites van de vier kranten toch zelfstandig lijken.

Saneren

Hetzelfde proces gaat nu gebeuren bij Wegener. Vooruitlopend op ACM-toestemming van de overname heeft Persgroep al aangekondigd dat bijna 200 fte bij de zeven Wegener-kranten in Brabant en Gelderland zullen worden geschrapt. Die operatie moet al in het voorjaar van 2015 zijn afgerond. Ook dat past in de filosofie van Van Thillo dat je eerst keihard en doelgericht moet saneren, waarna stabiliteit de beloning is.

De verwachting is dat dergelijke ingrepen bij NRC Handelsblad niet nodig zullen zijn, omdat deze krant al een goed rendement laat zien en beschikt over een solide lezers- en adverteerdersgroep. Onder de Vlaamse hoofdredacteur Peter Vandermeersch heeft NRC zich uitstekend journalistiek gepositioneerd, zij het wel ten koste van een nogal omstreden opmars van commerciële activiteiten in en rondom de krant. Zo maakt het bedrijf winsten door producten zoals wijn, kookgerei en reizen te verkopen onder de merknaam NRC Handelsblad. De vorige hoofdredacteur Birgit Donker zag daarin een verkwanseling van het journalistieke kwaliteitskeurmerk en stapte op. Vandermeersch gaat daar meer pragmatisch mee om: het geld dat ermee wordt verdiend kan juist ten goede komen aan de versterking van de journalistiek.

Krantenmarkt

Dit alles geeft aan dat Vlaamse persondernemers en journalisten meer oog lijken te hebben voor de onvermijdelijkheid van marktwerking bij het maken van kranten. De hoeksteen van Nederlandse dagbladen is juist rigide afscherming van redactie en markt geweest. De meeste redacties waren ondergebracht in stichtingen die de journalistieke onafhankelijkheid moesten bewaken en via redactiestatuten waren extra waarborgen tegen commerciële invloed op de inhoud ingebouwd. Zolang de oplages hoog bleven en de advertentie-inkomsten daardoor bleven stromen, functioneerde dat prima. Maar na het toeslaan van de crisis leidde het juist tot verstarring en inefficiëntie.

De Vlaamse mediabedrijven lijken beide problemen op te kunnen lossen. Ten koste van diepingrijpende saneringen, waarvoor niemand een alternatief ziet. De Nederlandse dagbladen houden zich daarom vast aan de strohalm die de Vlaamse persfamilies bieden. Zij lijken in ieder geval een warm hart voor dagbladen te hebben en daadwerkelijk ook te geloven in de toekomst van dit ideële product. Het is al een oude gedachte dat zgn. ‘courantiers’ beter zorgen voor een krant dan gewonen kapitalistische ondernemingen. Ze zouden genoegen nemen met minder rendement in economisch slechte tijden en veel meer oog hebben voor de democratische functie van hun producten.

Hoop en zorg

Of deze omschrijving van toepassing is op de families Van Thillo, Leysen en Baert is de vraag. Hun mediaondernemingen moeten gewoonweg winst maken. Met verliezen neemt men geen genoegen, ook al is de krant nog van zo groot belang voor democratie of pluriforme meningsvorming in de samenleving. Tegen samenvoeging van titels en redacties ziet men niet op, net zomin als tegen het samenwerken met radio-, televisie- of internetactiviteiten die ook tot het concern behoren.

De overname van Nederlandse pers door Vlamingen mag daarom hoop geven voor een zwaar noodlijdende bedrijfstak, ze geeft ook zorg over noodlijdendheid op een meer ideëel vlak. Is het bijvoorbeeld met sterk ingekrompen redacties mogelijk om kritisch over de machten in de samenleving te blijven berichten? In sommige gebieden kan de lokale en regionale politiek al nauwelijks meer worden gevolgd omdat er te weinig journalisten over zijn. En kostbare taken zoals onderzoeksjournalistiek worden met uitsterven bedreigd. Als samenleving zouden we daarom dus niet alleen met bewondering naar het opereren van commerciële persondernemingen moet kijken, maar ook eens moeten nadenken over vormen van publieke financiering van wezenlijke journalistiek.

(Huub Wijfjes is mediahistoricus aan de universiteiten van Groningen en Amsterdam. Dit jaar is hij gasthoogleraar Journalistiek aan de Vrije Universiteit Brussel.)