Waarom de verlengde aanhoudingstermijn naar 72 uur niet levensvatbaar was in de Kamer Auteur: Hanne Decré

vr 16/06/2017 - 12:49 Hanne Decré Geen groen licht voor dé grote antiterreurmaatregel van de regering: met 97 stemmen voor en 52 stemmen tegen is de verlenging van de aanhoudingstermijn tot 72 uur in terreurdossiers van de baan. Een nederlaag voor de regering, maar hoe komt dat? Waarom is de oppositie tégen het wetsvoorstel? "Wij zijn niet tegen terreurmaatregelen, allesbehalve, maar dit is profileringsdrang van de eerste minister", reageert Stefaan Van Hecke.

Oppositielid Stefaan Van Hecke (Groen) ziet twee grote struikelblokken voor de verlenging naar 72 uur. De onderzoeksrechters zelf waren volgens hem geen vragende partij, ze hebben die 72 uur niet nodig. En bovendien zijn het vaak complexe dossiers, waar het niet altijd binnen die 48 uur duidelijk is dat het om een terreurdaad gaat. "Kijk maar naar de automobilist die over de Meir scheurde", haalt Van Hecke aan als voorbeeld. "Dat werd ook eerst weggezet als terrorisme, maar achteraf bleek het dat niet te zijn."

Volgens hem bestaat dan ook het risico dat - wanneer mensen onterecht 72 uur in de cel gehouden worden - hun advocaten misbruik gaan maken van de maatregel en argumenteren dat hun cliënt ten onrechte vastgezeten heeft. 

"Deze maatregel was profileringsdrang van de eerste minister na de aanslagen. We moeten goed nadenken over maatregelen, maar dit was geen slimme oplossing."

Wat kies je? Mensen en middelen of 72 uur?

Een belangrijk argument was volgens Van Hecke de vraag die voorgelegd werd aan de federaal procureur: "Als je mag kiezen tussen meer mensen en middelen of een Grondwetswijziging, wat kies je?" 

Zijn antwoord: meer mensen en middelen. "We moeten beseffen dat tijdsdruk ook soms te maken heeft met chronische onderinvestering. Er zijn ook alternatieve oplossingen."

Geen 72 uur, wel 48, maar...

Van Hecke - en Groen - schieten niet alles meteen af. Hun standpunt? "Een verlenging van 24 uur naar 48 uur, maar geen verlenging naar 48 uur tout court."

Hij koppelt twee grote voorwaarden aan de verlenging: Geen extra verlenging naar 72 uur en een rechtelijke controle na 24 uur. "Als we gaan naar een aanhoudingstermijn van 48 uur tout court geldt die natuurlijk voor alle zaken: de complexe, maar ook de eenvoudige. Het gevaar bestaat dat er agenten zijn die zeggen: "Ik maak dat pv morgen wel, ik heb toch 48 uur." Met een rechterlijke controle na 24 uur wordt dat onmogelijk."

De onderzoeksrechter moet volgens hem ook zo snel mogelijk betrokken worden bij het onderzoek. "Als ze het dossier vandaag de dag na 22 of 23 uur op hun bureau krijgen, is er vaak amper tijd voor een beslissing, dat mag zich niet vertalen naar 48 uur."